» Bezwaar tegen een overeenkomst tussen miderjarigen en het Wachttorengenootschap


Waarom bezwaar tegen een overeenkomst tussen een minderjarig persoon en het Wachttoren genootschap?


De 2e vraag die iemand moet beantwoorden wanneer hij/zij zich in het openbaar opdraagt ( laat dopen als een Jehovah’s getuige ) luid:

Begrijp je dat je opdracht en doop je identificeren als een van Jehovah’s Getuigen, verbonden met Gods door de geest geleide organisatie?

Deze vraag dient in het openbaar met een luide ‘Ja’ te worden beantwoord. Op deze wijze gaat men een overeenkomst aan met de organisatie van de Jehovah’s Getuigen: ‘Het Wachttoren genootschap‘. Door deze overeenkomst is de persoon onderworpen aan het genootschap. Hij of zij dient zich aan de regels van die organisatie te houden. En de persoon moet trouw blijven aan die organisatie.

Door deze overeenkomst heeft de organisatie het recht om de persoon buiten de organisatie te sluiten wanneer deze zich niet aan de regels houd of de organisatie niet meer ten dienst wilt zijn.

Uitgesloten worden is een ingrijpende gebeurtenis in iemands leven. Het betekend dat de personen die bij de organisatie horen geen omgang meer met je mogen hebben, ze mogen je niet eens meer groeten. Wanneer iemand wordt uitgesloten verliest die persoon al het contact met zijn vrienden en kennissen die lid zijn van de organisatie. Zelfs familie wordt aangeraden om geen contact meer te hebben met iemand die is uitgesloten. Noodzakelijk contact zijn wel toegestaan, maar dient te worden beperkt. Wat normaal vanzelfsprekend was zoals een bezoekje of een telefoontje is niet mogelijk tussen uitgesloten personen en familie die lid zijn van de organisatie. Gezellige bijeenkomsten of bijvoorbeeld aanwezig zijn op een bruiloft van een uitgesloten persoon is helemaal van den boze.

Uitgesloten worden is dus mogelijk doordat de persoon een overeenkomst is aangegaan met de organisatie. De gevolgen van deze overeenkomst zijn groter dan wanneer iemand bijvoorbeeld een aankoop op afbetaling doet. Daarom ben ik er op tegen dat het op minderjarige leeftijd mogelijk is om lid te worden van deze organisatie.

Minderjarigen hebben nog een heel leven vol ervaringen voor zich. Een minderjarig persoon kan nooit zeker weten dat het de rest van zijn of haar leven bij een organisatie zal horen en dient te worden beschermd tegen een leven waarin het contact met familie kan worden beperkt tot een zeer noodzakelijk niveau. Iedereen kan op den duur gaan twijfelen over de religie waar men bij is aangesloten. Elk mens ondergaat ervaringen en ontwikkeld zich, elk mens kan een andere kijk op het leven krijgen. En het mag niet zo zijn dat een overeenkomst die een persoon is aangegaan op minderjarige leeftijd het mogelijk maakt dat een persoon wordt gestraft voor een persoonlijke groei, een andere kijk op het leven, of afscheid van een religie.

Een overeenkomst aangaan met de organisatie van de Jehovah’s getuigen: ‘Het Wachttoren genootschap’ moet niet mogelijk zijn voor minderjarigen personen. Wanneer een persoon op minderjarige leeftijd wel deze overeenkomst is aangegaan moet deze overeenkomst nietig worden verklaard door de organisatie. Personen die op minderjarige leeftijd de overeenkomst zijn aangegaan mogen daardoor niet langer worden behandeld als een uitgesloten persoon. Personen die tevreden zijn met de organisatie kunnen zich alsnog opdragen wanneer ze volwassen zijn volgens de wet. Het genootschap dient hier echter geen druk op te leggen.

 

Vrijheid van Godsdienst.


De 1e vraag die iemand moet beantwoorden wanneer hij/zij zich in het openbaar opdraagt ( laat dopen als een Jehovah’s getuige ) luid:

“Heb je op grond van het slachtoffer van Jezus Christus berouw van je zonden en heb je je aan Jehovah opgedragen om zijn wil te doen?”

Met deze vraag verklaard men dat men zich aan God opdraagt en dat met Gods wil wenst te doen. Dit is een vraag waarmee niets mis is. Wanneer een minderjarig persoon de aandrang voelt om God te dienen en zich op te dragen aan God kan men zich beperken tot deze vraag en de onderdompeling. De 2e doopvraag kan alsnog op een volwassen leeftijd aan de persoon worden voorgelegd om een volwaardig lid te worden van de organisatie waarvan de persoon geloofd dat die wordt geleid door God. Op deze wijze gaat men niet in strijd tegen de vrijheid van godsdienst uiting van de Jehovah’s getuigen, maar worden minderjarige personen wel beschermd tegen een overeenkomst die gevolgen kunnen hebben voor de rest van het leven van die persoon.


Ter onderbouwing:


Is er een minimum leeftijd om zich te laten dopen?




“ 20 Jezus’ woorden in Matthéüs 28:19, 20 laten zien dat degenen die tot zijn discipelen zijn gemaakt, gedoopt moeten worden. Hieruit volgt dat geen baby of klein kind zou kunnen voldoen aan de schriftuurlijke vereisten om gedoopt te worden. Een baby zou geen geloof kunnen oefenen in Gods Woord, noch in God de Schepper en in zijn Zoon Jezus Christus. Een baby zou niet kunnen vatten dat de heilige geest Gods werkzame kracht is; ook zou hij geen berouw kunnen hebben van in het verleden begane zonden en geen plechtige belofte kunnen doen om Gods wil te doen.

21 Maar het schijnt dat sommigen onder Jehovah’s volk in het andere uiterste zijn vervallen. Veel christelijke ouders laten hun kinderen wachten tot zij in hun late tienerjaren zijn voordat zij het onderwerp doop aanroeren. Steeds weer horen wij van jongeren die geheel op eigen initiatief tot een geldige opdracht komen. Zo was er een zoon van een ouderling, een jongen van nog geen dertien, die echt het verlangen had gedoopt te worden. Zijn vader liet dus drie andere ouderlingen met de jongen de vragen doornemen die zijn opgesteld voor degenen die de doop overwegen. Hun conclusie was dat hij ondanks dat hij behoorlijk jong was, ervoor in aanmerking kwam gedoopt te worden als een geordineerde bedienaar van Jehovah God. En onlangs was er op de pioniersschool op de Bahamas een tien jaar oud gedoopt meisje, de dochter van twee volle-tijdbedienaren! ” -Uit: De Wachttoren 1988 15/3 blz. 14 par. 20-21 ‘Vertrouwen in Jehovah leidt tot opdracht en doop’




“ Ja, louter het feit dat je een tiener bent, is geen excuus om ’op twee verschillende gedachten te hinken’, en ook is het geen geldige reden om nog geen standpunt in te nemen als een christen (1 Koningen 18:21). „Gedenk nu uw Grootse Schepper in uw jongelingsdagen”, vermaant de bijbel (Prediker 12:1). De profeet Samuël was iemand die Jehovah op heel jonge leeftijd begon te dienen (1 Samuël 3:1-18; 12:2). Ook de psalmist David kon zeggen: „Gij zijt mijn hoop, o Soevereine Heer Jehovah, mijn vertrouwen vanaf mijn jeugd.” — Psalm 71:5.

Zo ook hebben duizenden christelijke jongeren in deze tijd — onder wie enkele nog beneden de tienerleeftijd — getoond genoeg verantwoordelijkheid te kunnen dragen om zich aan God op te dragen teneinde hem te dienen. Toegegeven, sommige tieners hebben geen serieuze instelling en missen het verantwoordelijkheidsgevoel en de emotionele rijpheid om zo’n verstrekkende beslissing te nemen als de doop (Spreuken 22:15). Maar is dat bij jou werkelijk het geval? (Je ouders zullen hier ongetwijfeld heel wat over te zeggen hebben.) God verwacht niet dat een tiener de rijpheid van een veertigjarige bezit. Hij weet heel goed dat je blootstaat aan „de begeerten die aan de jeugd eigen zijn” (2 Timótheüs 2:22). Maar als je oud genoeg bent om je vrij serieus en verantwoordelijk te gedragen, dan ben je hoogstwaarschijnlijk ook oud genoeg om de opdracht te overwegen. Er zijn echter nog andere vragen die je jezelf dient te stellen. ” -Uit: Ontwaakt! 1990 8/4 blz. 15-16 ‘Ben ik eraan toe me te laten dopen?’



 

Legt het Wachttoren Genootschap druk op jongeren om zich te laten dopen?




“ Als de doop zo belangrijk is, waarom weerhouden sommige jongeren zich er dan van? Diezelfde vraag stelde Ontwaakt! aan een aantal christelijke jongeren. Eén meisje zei: „Velen hebben het gevoel dat zij meer vrijheid genieten als zij niet gedoopt zijn. Zij denken dat als zij dan in moeilijkheden komen, zij geen verantwoording verschuldigd zijn.” Een jongere die Robert heet, maakte een soortgelijke opmerking: „Ik denk dat heel wat jongeren aarzelen om zich te laten dopen omdat zij bang zijn dat het een definitieve stap is die zij niet meer ongedaan kunnen maken. Zij denken dat zij uit de gemeente worden gesloten als zij iets verkeerds doen.”

Het is waar dat iemand een opdracht aan God niet ongedaan kan maken. (Vergelijk Prediker 5:4.) Iemand die zich aan God opdraagt, neemt een belangrijke verantwoordelijkheid op zich. Hij of zij is verplicht om te „wandelen op een wijze die Jehovah waardig is, ten einde hem volledig te behagen” (Kolossenzen 1:10). Iemand die zich inlaat met ernstig kwaaddoen, riskeert zelfs uit de christelijke gemeente gesloten te worden. — 1 Korinthiërs 5:11-13.

( - )

Angst om uitgesloten te worden, verhult in werkelijkheid vaak een geheim verlangen om slechte dingen te doen. Een jonge vrouw genaamd Natalie merkte openhartig op: „Ik ben in Satans wereld opgegroeid en weet wat het is. Maar heel wat jongeren zouden er graag eens een kijkje nemen en ervaren wat ze te bieden heeft.” Waarom zou je, in plaats van toe te staan dat verkeerde verlangens je van de doop weerhouden — of zich tot verkeerde daden ontwikkelen — geen hulp inroepen en de kwestie wellicht met een ouder of een rijpe christen bespreken? — Jakobus 1:14, 15.

In feite is de vrijheid die Satans wereld biedt louter illusie. Het is zoals de apostel Petrus zei over sommigen in zijn tijd die misleid werden: „Terwijl zij hun vrijheid beloven, zijn zij zelf slaven van het verderf. Want al wie door een ander wordt overwonnen, wordt door hem tot slaaf gemaakt” (2 Petrus 2:19). Is er werkelijk sprake van vrijheid als je denken, gedrag en moraliteit door anderen worden beheerst? Is er werkelijk sprake van vrijheid als je je inlaat met dingen die tot ziekte, schande en uiteindelijk de dood leiden? — Spreuken 5:8-14. ” -Uit: Ontwaakt! 1990 22/3 blz. 27 ‘Zou ik me moeten laten dopen?’



“ 8 Satan zorgt ervoor dat de immorele wegen van de wereld zeer aantrekkelijk lijken. In feite is het zoals een vijftienjarige zei: „Hoe meer seks en drugs wij op de tv zien, hoe normaler het in de samenleving schijnt te zijn.” Jongeren die zich niet inlaten met de wegen van de wereld wordt het gevoel gegeven dat zij buitenbeentjes zijn en dat zij heel wat pleziertjes missen. Heb je ooit dat gevoel gehad? Sommigen die met de gemeente verbonden zijn, hebben dat gevoel en zij zijn besluiteloos. Toen een jongere werd gevraagd hoe hij over de doop dacht, zei hij: ’Ik wil dat nu nog niet omdat ik misschien iets doe waarvoor ik uitgesloten zou kunnen worden.’ Toch kun je niet de kat uit de boom kijken of op twee verschillende gedachten blijven hinken. Gods profeet heeft eens gezegd: „Indien Jehovah de ware God is, gaat hem volgen; maar is het Baäl, gaat hem volgen.” — 1 Koningen 18:21.

9 Door de immorele wegen van de wereld te mijden, loop je in werkelijkheid alleen maar een hoop moeilijkheden mis. „Door het leven dat ik had geleid, werd ik door een sterk gevoel van afkeer en spijt overmand”, erkende een vrouw. „Ik had mijzelf en het kind dat in mij was verwekt, verlaagd en bedrogen.” Ja, de schijnbare bekoring en het klatergoud van de wereld van de Duivel is slechts een illusie, een misleiding. Het bevat niets waardevols. Het navolgen van de wegen der wereld leidt tot buitenechtelijke zwangerschappen, uiteengevallen huisgezinnen, door seksueel contact overgedragen ziekten en onnoemelijke frustratie en ellende. Luister dus naar raad en wees geestelijk progressief. ’Keer je af van wat slecht is en doe wat goed is.’ — 1 Petrus 3:11. ” -Uit: De Wachttoren 1987 15/8 blz. 17 par. 8-9 ‘Jongeren — Zijn jullie geestelijk progressief?’




“ Jongeren dienen theocratische doeleinden te hebben die binnen het bereik van hun persoonlijke bekwaamheden liggen (1 Tim. 4:15). Sommige heel jonge kinderen hebben het doel bereikt de bijbelboeken uit het hoofd te kunnen opzeggen nog voordat zij konden lezen. Door de gezinsstudie leren kinderen zich voor te bereiden voor vergaderingen zodat zij doeleinden kunnen bereiken als het geven van zinvolle commentaren en inschrijving op de theocratische bedieningsschool. Als kinderen hun ouders in de velddienst vergezellen, leren zij een aandeel te hebben aan het getuigenis geven terwijl zij vorderingen maken in de richting van het doel een niet-gedoopte verkondiger te worden. Ouders dienen hun jonge kinderen steeds het doel van opdracht en doop voor te houden. ” - Uit: Onze koninkrijkdienst Juni 1997 blz. 1 par. 2 ‘Jongeren — Wat zijn jullie geestelijke doeleinden?’ 

 


[ terug... ]Omhoog

Eigen domeinnaam




Maak vrienden

Discussie

  • Op internet zijn diverse forums te vinden over Jehovah's Getuigen.

    Hier een paar voorbeelden:

    Discussiebord over het Wachttoren-Genootschap

    Hier is iedereen welkom. Er is geen lidmaatschap en iedereen is er vrij om te posten.

    Paradise Café

    Dit forum is ideaal voor de Jehovah Getuige die twijfels heeft over de organisatie. Veel leden van dit forum geloven in God en bouwen elkaar op in "het geloof zonder de wachttoren organisatie". Anders denkenden (ex getuigen die bijvoorbeeld athëist zijn geworden) hebben er tegenwoordig ook enige speel ruimte.

Bedankt.

  • Beste bezoeker, Ik wil je hartelijk bedanken voor het bezoeken van deze website. Kom gerust nog eens een keer langs. Als je wilt kun je een bericht in mijn gastenboek achterlaten. Daar kom je door op "Gasten" te klikken boven aan deze website.

Gastenboek

  • Voor wie iets wil achter laten in het gastenboek: Je kunt geen al te lange berichten plaatsen. En helaas krijg je geen waarschuwing wanneer je bericht te lang is.

Copyright 2002-2017